Opslag van medicatie.

Als bij intramurale zorg (ziekenhuis, verpleeghuis en andere instellingen) de cliënt het medicatiebeheer heeft overgedragen aan de zorgorganisatie, zijn de organisatie en zorgmedewerkers verantwoordelijk voor opslag en beheer.

  • De zorginstelling draagt verantwoordelijkheid voor duidelijke procedures en afspraken met betrekking tot de opslag en het beheer van medicatie.
  • De zorginselling moet passende voorzieningen treffen voor de opslag van medicatie. Denk aan een afsluitbare ruimte, een medicatie koelkast met thermometer et cetera.
  • Er wordt gewerkt volgens de afspraken die gemaakt zijn binnen de instelling. Risico’s worden gesignaliseerd en problemen worden besproken.
  • Ten alle tijden wordt het bewaaradvies en de hygiëne richtlijn van de apotheker gevolgd.
  • Medicijnen retour? Het opslaan van medicijnen die terug moeten naar de apotheek moet achter slot en grendel, zodat niet-bevoegd personeel hier niet bij kan komen
  • Zorg dat je als instelling op tijd medicatie bij besteld of herhaalrecepten inschiet zo afgesproken met de apotheek.

Stappenplan medicatieveiligheid.

1. Opslag

Het opslaan van medicijnen zoals werkvoorraden, opiaten en gekoeld is voor een goede gang van zaken binnen elke zorginstelling noodzakelijk. Met steeds minder opslagpunten en een kleinere voorraad, neemt de omloopsnelheid toe. De veiligheidsrisico’s zijn groot en de onnodige kosten hoog. Wij stemmen de opslag en beveiliging van medicijnen af op de echte behoefte binnen de Zorg. Optimaal beveiligd, terwijl misgrijpen wordt uitgesloten.

 Lees verder

2. Distributie

Tijdens het verplaatsen van medicijnen vanuit werkvoorraden of tijdens medicijnrondes, loopt men veiligheidsrisico’s. Tijdens dat proces dienen de medicijnen afgesloten te zijn voor niet geautoriseerde medewerkers en/of patiënten. Tegelijkertijd dienen geautoriseerde medewerkers eenvoudig en snel bij elk medicament te kunnen. Onze medicijnwagens zijn daarom voorzien van geavanceerde elektronische slotsystemen. Met of zonder registratie.

Lees verder

3. Toediening

Het toedienen van medicijnen mag alleen gedaan worden door daarvoor opgeleide en geautoriseerde medewerkers. Gelukkig zijn dat gewone mensen. Vanwege de onvoorspelbaarheid in de zorg is een fout bij de toediening gauw gemaakt. Wij maken de noodzakelijke handelingen rondom de toediening van medicijnen, zo beveiligd mogelijk, zonder daarbij de praktijk uit het oog te verliezen. Op deze manier blijf je op een juiste en veilige manier toegang houden op het proces.

 Lees verder

4. Registratie

Precies weten welk medicijn, wanneer, aan wie moet worden toegediend en weten of dat gebeurt is en door wie, wanneer; wie wil dat niet weten? Hoeveel moeite kost dit en wat betekent dat voor de ‘echte’ zorg voor de patiënt? Om nog maar te zwijgen over het rapporteren van MIC-meldingen. Met onze nieuwste medicijnuitgiftesystemen hoef jij als verzorgende je niet druk te maken om de administratie. Die gebeurt helemaal automatisch.

 Lees verder

Werkvoorraad medicatie.

In een instelling mogen alleen medicijnen-op-naam van een cliënt aanwezig zijn. Een uitzondering vormt de werkvoorraad met medicijnen-niet-op-naam, ook wel ‘dokterstas’ genoemd. Artsen die werkzaam zijn voor een zorgorganisatie met de toelating behandeling (zoals een specialist ouderengeneeskunde) kunnen dat nodig hebben voor spoedsituaties. Voor de opslag en beheer van deze werkvoorraad is de ‘Handreiking werkvoorraad geneesmiddelen’ opgesteld door ActiZ, GGZ Nederland en VGN (2011).

De Handreiking gaat over de samenstelling en het beheer van deze voorraad medicijnen-niet-op-naam. De werkvoorraad moet beperkt van omvang zijn. De Handreiking geeft daarvoor een aantal toetsingscriteria, bijvoorbeeld de doelgroep in de instelling en het aantal cliënten. De instelling moet kunnen beargumenteren waarom dit soort en deze hoeveelheid geneesmiddelen nodig zijn voor de artsen. Ook moet de instelling het beheer van de werkvoorraad goed regelen. De apotheker heeft een adviserende rol.

Opslag van opiaten.

In een instelling heb je van meerdere cliënten een voorraad van opiaten, dat geeft het risico van misbruik. Daarom gelden specifieke regels voor het beheer van opiaten in een zorginstelling. Het gaat in dit geval meer om de veiligheid van de zorgmedewerker dan van de cliënt. De zorgmedewerker moet aannemelijk kunnen maken dat zij het opiaat aan de cliënt heeft gegeven en niet de opiaten voor zichzelf heeft opgespaard. Het is de verantwoordelijkheid van de organisatie om het beheer zorgvuldig te regelen. Afspraken over het beheer van opiaten, moeten zijn gericht op het voorkómen van misbruik. Dat is de ‘meetlat’ om de afspraken en procedure in de organisatie te toetsen.
Hoofdregels voor opslag en beheer van opiaten in een zorginstelling 

  • Opiaten op naam en de voorraad opiaten niet-op-naam (‘werkvoorraad’) moeten achter slot worden bewaard, aard- en nagelvast. Dat wil zeggen: in een kast(je) die zodanig is vastgemaakt dat deze niet zomaar is mee te nemen. Deze opiaten moeten afgezonderd van de overige medicatie worden bewaard.
  • Alleen bevoegden mogen toegang hebben tot de opiaten; dit moet zorgvuldig zijn geregeld.
  • Zorg voor een zorgvuldige opiatenregistratie, bijvoorbeeld: leg vast bij de losse opiaten op naam (niet in GDS / medicatierol) en bij de opiaten niet-op-naam (’werkvoorraad’) wat er wanneer door wie voor welke cliënt wordt uitgehaald.
  • Opiaten op naam kunnen ook in een GDS (medicatierol) worden verstrekt. In dat geval hoeven ze niet apart bewaard te worden, maar kunnen dan gewoon bij de overige medicatie worden bewaard, die ook achter slot liggen.

Zelftest medicatieveiligheid

Snel te weten komen hoe jij als zorgverlener presteert op het gebied van medicatieveiligheid? Doe dan nu onze online zelftest. Deze gratis mini cursus / e-learning helpt jou om inzicht te krijgen in de dingen die je goed doet, maar ook in de dingen die beter kunnen. De medicatieveiligheids quiz is er voor iedereen!

Neem contact met ons op!

Wij reageren binnen 2 (werk)dagen

"*" geeft vereiste velden aan

Naam*
Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.